Nederlandstalige scholen in Brussel kunnen niet deelnemen aan het succesvolle project “Lekker Fris” voor een gezonde binnenlucht in scholen. Dit liet Vlaams Minister Jo Vandeurzen weten op een schriftelijke vraag van Vlaams parlementslid Paul Delva (CD&V). Dit project van de Vlaamse Regering wil, op een haalbare en betaalbare manier, de kwaliteit van de binnenlucht in de klassen verhogen. Leerkrachten en leerlingen leren via dit project hoe zelf kunnen werken aan de kwaliteit van de binnenlucht in een klas. Het project heeft een internationale erkenning gekregen, maar is helaas niet toepasbaar in Brussel, omwille van de institutionele structuur van ons land.
Het project “Lekker Fris” is niet toepasbaar in Brussel omdat het zich begeeft op het terrein van de “medische milieukunde”, dat zich uitstrekt over de beleidsdomeinen Volksgezondheid en Leefmilieu. Aangezien leefmilieu een gewestbevoegdheid is (en in Brussel dus anders wordt ingevuld dan in Vlaanderen), is een uniforme uitvoering van de medische milieukunde in beide gewesten onmogelijk. Daarnaast, zo voegt Minister Vandeurzen er aan toe, bestaat binnen het huidige Lekker Fris-project een sterke ondersteuning vanuit de Vlaamse gemeenten en CLB’s : ter beschikking stellen van CO2-meters, verspreiding van de projectmaterialen, …. Omwille van deze redenen wordt het Vlaamse project “Lekker Fris” niet aangeboden in Brussel.
Hij geeft wel aan dat de Vlaamse Gemeenschap steeds bereid is overleg te plegen met de bevoegde Brusselse instanties indien zij een gelijkaardig project als Lekker Fris wensen op te starten.
Brussels volksvertegenwoordiger Brigitte De Pauw: “Ik zal de bevoegde Brusselse minister voor Leefmilieu, Evelyne Huytebroeck ondervragen over dit project, en pleiten om een dergelijk project ook in Brusselse scholen (zowel Nederlandstalige als Franstalige) op te starten”.
Vlaams volksvertegenwoordiger Paul Delva: “CD&V Brussel roept het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op om gebruik te maken van de reeds bestaande expertise bij de medisch milieukundigen van het Vlaams Gewest, zoals Minister Vandeurzen zelf ook aanbiedt.”
|
Nederlandstalige scholen in Brussel kunnen niet deelnemen aan het succesvolle project “Lekker Fris” voor een gezonde binnenlucht in scholen. Dit liet Vlaams Minister Jo Vandeurzen weten op een schriftelijke vraag van Vlaams parlementslid Paul Delva (CD&V). Dit project van de Vlaamse Regering wil, op een haalbare en betaalbare manier, de kwaliteit van de binnenlucht in de klassen verhogen. Leerkrachten en leerlingen leren via dit project hoe zelf kunnen werken aan de kwaliteit van de binnenlucht in een klas. Het project heeft een internationale erkenning gekregen, maar is helaas niet toepasbaar in Brussel, omwille van de institutionele structuur van ons land.
Het project “Lekker Fris” is niet toepasbaar in Brussel omdat het zich begeeft op het terrein van de “medische milieukunde”, dat zich uitstrekt over de beleidsdomeinen Volksgezondheid en Leefmilieu. Aangezien leefmilieu een gewestbevoegdheid is (en in Brussel dus anders wordt ingevuld dan in Vlaanderen), is een uniforme uitvoering van de medische milieukunde in beide gewesten onmogelijk. Daarnaast, zo voegt Minister Vandeurzen er aan toe, bestaat binnen het huidige Lekker Fris-project een sterke ondersteuning vanuit de Vlaamse gemeenten en CLB’s : ter beschikking stellen van CO2-meters, verspreiding van de projectmaterialen, …. Omwille van deze redenen wordt het Vlaamse project “Lekker Fris” niet aangeboden in Brussel.
Hij geeft wel aan dat de Vlaamse Gemeenschap steeds bereid is overleg te plegen met de bevoegde Brusselse instanties indien zij een gelijkaardig project als Lekker Fris wensen op te starten.
Brussels volksvertegenwoordiger Brigitte De Pauw: “Ik zal de bevoegde Brusselse minister voor Leefmilieu, Evelyne Huytebroeck ondervragen over dit project, en pleiten om een dergelijk project ook in Brusselse scholen (zowel Nederlandstalige als Franstalige) op te starten”.
Vlaams volksvertegenwoordiger Paul Delva: “CD&V Brussel roept het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op om gebruik te maken van de reeds bestaande expertise bij de medisch milieukundigen van het Vlaams Gewest, zoals Minister Vandeurzen zelf ook aanbiedt.”
|
