Sterker inzetten op wijkpolitie en op burgerbetrokkenheid. Dat is de rode draad van de Veiligheidsnota die CD&V-Brussel zopas heeft voorgesteld. CD&V Brussel stelt daarom een ketengerichte aanpak voor waarbij preventie, repressie en burgerbetrokkenheid hand in hand gaan. Deze visie krijgt gestalte aan de hand van 13-tal concrete en haalbare voorstellen. Een van de voorstellen uit de Veiligheidsnota heeft bijvoorbeeld betrekking op de oprichting van meer buurtinformatienetwerken in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Daarom gingen diverse mandatarissen en militanten van CD&V vanmiddag flyers uitdelen op het Sint-Joostplein in de gemeente Sint-Joost om buurtbewoners warm te maken voor de oprichting van een BIN in hun wijk.

 

Het creëren van veiligheid begint voor CD&V dicht bij de Brusselaar, op het niveau van de wijk. Er kan pas sprake zijn van veiligere buurten, als er ook vertrouwen heerst tussen de Brusselaar en de politie. Helaas stellen we vast dat er nog steeds een grote kloof bestaat tussen politie en burger. Daarom moet de focus van het politiewerk veel sterker verschuiven richting wijkwerking. Wijkagenten en buurtbewoners moeten met elkaar vertrouwd zijn. Agenten moeten ook makkelijker aanspreekbaar en aanwezig zijn in het Brusselse straatbeeld. Veiligheid en verbondenheid zijn dan ook nauw met elkaar verweven.

In de Veiligheidsnota stelt CD&V-Brussel een ketengerichte aanpak voor, met zowel een preventief als een repressief luik. Bedoeling is telkens om zowel de reële criminaliteit aan te pakken als het subjectieve veiligheidsgevoel van de mensen te verhogen.  Dit laatste is belangrijk, want uit recente statistieken blijkt dat het aantal vastgestelde misdrijven in Brussel weliswaar daalde, maar dat het onveiligheidsgevoel van de Brusselaar niettemin is toegenomen.

 Concrete voorstellen

In de Veiligheidsnota doet CD&V-Brussel daarom 13 concrete en haalbare voorstellen voor meer veiligheid in Brussel. We lichten er enkele voorstellen uit:

  • GAS-boetes tegen overlast. Fenomenen als zwerfvuil, openbaar dronkenschap, intimidatie op straat en straatraces leiden tot grote overlast. GAS-boetes zijn een goed en proportioneel instrument om deze overlast te beteugelen. Al is het natuurlijk evident dat deze GAS-boetes in geen geval mogen uitgroeien tot pestboetes.
  • Stadsmariniers pakken overlast aan: naar het voorbeeld van Rotterdam wil CD&V ook in Brussel stadsmariniers inzetten in bepaalde probleemwijken. Een stadsmarinier beschikt over verregaande bevoegdheden om overlastproblemen aan te pakken (sluikstorten, drugshandel en verloedering). In nauw overleg met burgers, verenigingen en overheden zoekt een stadsmarinier telkens naar concrete oplossingen voor concrete problemen.
  • Een versterking van de wijkpolitie. De wijkagent is een laagdrempelig aanspreekpunt voor de inwoners van een wijk. Dit maakt dat de wijkagent een grote rol speelt in de uitbouw van buurtinformatienetwerken (BIN's) in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In elk van de 100 Brusselse wijken wil CD&V daarom een volwaardige politie-antenne, die vlot bereikbaar is via email/telefoon en voldoende uitgebreide openingsuren heeft. De versterking van de wijkpolitie hangt trouwens samen met de nood aan een betere centrale aansturing en dus aan een fusie van de 6 Brusselse politiezones.
  • Aanstellen van buurtvaders en buurtmoeders. Buurtouders zijn gewaardeerde mensen uit de wijk.  Ze vervullen een voorbeeldrol ten opzichte van plaatselijke jongeren én versterken de verbondenheid tussen de verschillende generaties. Dergelijke buurtouders zijn sinds kort actief in een aantal Brusselse wijken, zoals de Peterboswijk en Zwarte Vijvers. Ook in andere Brusselse wijken moeten betrokken inwoners een rol kunnen opnemen als buurtvader of buurtmoeder.
  • Van Kanaalplan naar Zenneplan. CD&V-Brussel wenst het huidige Kanaalplan van de federale regering uit te bouwen tot een volwaardige Zenne-plan voor het hele Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dit Zenne-plan moet leiden tot een geïntegreerde uitvoering van basispolitietaken op alle beleidsniveaus op het volledige grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Op alle domeinen, van bouwinspecties tot de controle van vzw's, gaan we telkens na of de wet wordt nageleefd.

 Buurtinformatienetwerken

Paul Delva: “Door burgers sterker te betrekken bij het lokale veiligheidsbeleid vergroten we sociale cohesie en engagement: een win-winsituatie.”

 Een van de overige voorstellen uit de Veiligheidsnota gaat over de oprichting van bijkomende buurtinformatienetwerken (BIN’s) in Brussel. Een goede informatie-uitwisseling tussen inwoners en lokale politie is immers cruciaal om criminaliteit efficiënt aan te pakken. Daarom is CD&V voorstander van de oprichting van veel meer buurtinformatienetwerken in de Brusselse wijken. In tegenstelling tot in Vlaanderen en Wallonië zijn er in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest immers amper buurtinformatienetwerken actief.  

Om te pleiten voor extra BIN’s gingen diverse militanten van CD&V-Brussel op donderdagmiddag 29 maart flyers uitdelen om buurtbewoners van het Sint-Joostplein te overtuigen om zo’n BIN op te zetten. Dit wordt dan meteen het eerste BIN in de politiezone Brussel-Noord. Drijvende kracht achter dit initiatief is Ingmar Samyn, een nieuwe inwoner van Sint-Joost. Ook de diverse kopstukken van CD&V-Brussel hielpen mee flyeren: Brussels staatssecretaris Bianca Debaets, Benjamin Dalle (voorzitter CD&V-Brussel), Vlaams parlementslid Joris Poschet, de Brusselse parlementsleden Paul Delva en Brigitte Grouwels, enzovoort.

Brigitte Grouwels: "In Brussel blijkt er maar weinig structurele samenwerking tussen burgers en de wijkpolitie in de strijd tegen criminaliteit en overlast. Dit is een gemiste kans, want buurtbewoners kennen als geen ander de zwakke plekken in een wijk. De buurtinformatienetwerken (BIN's) kunnen de buurt en de wijkpolitie beter doen samenwerken. Helaas zijn er in Brussel amper BIN’s actief, in tegenstelling tot in Vlaanderen en Wallonië. Daarom moeten we ook in Brussel veel sterker inzetten op de opbouw van deze BIN's."

Ingmar Samyn: “Een buurtinformatienetwerk in een diverse gemeenschap als Sint-Joost-ten-Node kan de sociale cohesie versterken. Daarom nam ik het initiatief om in deze wijk een oproep te doen bij de inwoners om zo’n buurtinformatienetwerk op te starten.”